Winroute

 

Zorg ervoor dat vóór de installatie van Winroute zowel de internet-connectie op de host-computer, als ook het interne netwerk goed werkt via het tcp/ip protocol. Zie voor instructies eventueel de netwerkmaak pagina. Voor Winroute is het ook nodig dat op alle client-computers als DNS-server en als gateway de host-computer is ingesteld. Zie ook hier weer voor instructies de netwerkmaak pagina. Als dit allemaal goed draait dan kan Winroute geïnstalleerd worden op de host-computer.  Na installatie zal Windows opnieuw gestart moeten worden.

Winroute bestaat in principe uit 2 delen; de Winroute-engine die de daadwerkelijke internetsharing verzorgt, en de WinrouteAdminstrator waarmee je wijzigingen kunt doorvoeren in de configuratie van Winroute.

Nadat Windows opnieuw is opgestart, zul je zien dat er in je systray (gebiedje rechts-onderin windows met icoontjes) het volgende icoontje is verschenen :    Als je hierop dubbelklikt dan wordt de WinrouteAdminstrator opgestart. Eerst zul je moeten inloggen. Vul bij 'Winroute host' 'localhost' in en bij 'username' 'Admin' en vul geen wachtwoord in.  Het is verstandig om later wel een wachtwoord te gaan gebruiken, deze kun je ook in de Adminstrator aanpassen.

Nu we zijn ingelogt kunnen we de instellingen bekijken en eventueel aanpassen. Het eerste wat we moeten instellen is de netwerkkaart waarvan de internetconnectie moet worden gedeeld (of de inbelverbinding). Ga hiervoor in het menu naar Settings ->  Interface table. Het volgende scherm zal dan zichtbaar worden :

 

 

Afhankelijk van de internetconnectie, via inbelverbinding of een vaste verbinding zoals kabel, zul je in dit scherm 1 of 2 netwerkkaarten zien en de RAS-inbelverbinding. Bij een inbelverbinding is het misschien nodig om eerst handmatig een inbelverbinding te kiezen. Selecteer hiervoor RAS en kies vervolgens de knop Properties. Er verschijnt een nieuw scherm met 2 tabbladen, kies hier het tabblad RAS. In dit tabblad moet je een inbelverbinding kiezen en kun je eventueel ook een username/password opgeven voor deze inbelverbinding. Het is ook aan te bevelen om hier bij connectie de selectie op Manual (handmatig) te zetten. (Pas op! Als je een connectie maakt via een andere inbelverbinding dan de hier gekozene wordt de verbinding NIET gedeeld!)

Bovenstaande is dus alleen van toepassing op een inbelverbinding.

Voor élke verbinding moeten we nog het volgende doen. Selecteer de netwerkkaart of de inbelverbinding waar internet op binnenkomt, en vervolgens de knop properties. In Tabblad NAT, selecteer hier het vakje 'Perform NAT with the IP-adres of etc...' . Zorg ervoor dat het onderste vakje, 'Exclude this computer from NAT' Níet is geselecteerd! Bevestig de veranderingen door in alle schermen op OK te drukken. Als dit is gebeurd is de configuratie van Winroute in principe klaar en zou de internetconnectie gedeeld moeten zijn!

 

 

WB00758_.gif (550 bytes)